|

Wijn en kaas, één van de meest klassieke combinaties
die er in de gastronomie bestaan. Wijn, kaas en brood vormen een
haast mythische basis voor een maaltijd. De eenvoudigste manier
om gasten te onthalen is hen dit traditionele drietal voor te zetten.
Kaas en wijn hebben beide een lange geschiedenis achter de rug;
ze moeten ongeveer gelijktijdig zijn 'uitgevonden in de ontwikkeling
van onze cultuur. Zij stammen uit het Neolithicum, de Nieuwe Steentijd,
ongeveer tienduizend jaar geleden. De mens was niet meer tevreden
met wat hij vond in de natuur, jachtbuit en wilde vruchten, maar
begon de natuur aan zich te onderwerpen. Waar we nog altijd mee
bezig zijn en wat de laatste tijd nogal zorgelijk is geworden. Hij
vestigde zich in een vaste woonplaats, legde akkers aan waar hij
wilde graansoorten ging verbouwen, leerde brood bakken, dreef wilde
schapen en geiten bijéén in een omheining. Zo ontdekte
hij, dat wanneer hij melk op een warme plaats liet staan, deze uiteen
viel in vaste wrongel en dunne wei: het begin van kaas. En waar
de wilde druivenstok groeide, in het Midden-Oosten, ontdekte hij
tot zijn verbazing dat als de druiven daarvan enkele weken in een
kuip bleven staan, het uitgedropen sap een wonderlijke eigenschap
had gekregen: hij werd er vrolijk van. Zo werd lang geleden de drie-eenheid
van brood, kaas en wijn ontdekt en we voelen er ons nog altijd wel
bij.
Omdat kaas en wijn een zo vanzelfsprekende combinatie vormen lijkt
het ook vanzelfsprekend dat men willekeurig elke kaas met elke wijn
kan combineren. Maar zo is het niet. Onze cultuur heeft ons zoveel
wijnen van totaal verschillend karakter gegeven en zoveel verschillende
kazen, dat noch wijn noch kaas een absoluut begrip meer vormen.
De eenvoud van alles kan-met-alles gaat niet op. Juist als men in
de hogere regionen van de wijn komt en bij interessante kaassoorten,
moet de keuze wèloverwogen gemaakt worden. Er zijn kazen,
die een wijn reddeloos kapot kunnen maken en wijnen, die een kaas
zo kunnen domineren dat er niets meer van overblijft. Men vergelijkt
de combinatie van wijn en kaas wel met een goed huwelijk. We weten
allemaal dat er voor een goed huwelijk een juist op elkaar afgestemd
zijn van karakter en temperament nodig is, en dat er helaas vele
onharmonische combinaties zijn.

Hollands glorie, in alle wijnlanden geliefd.
Tegenstellingen
Net als bij mensen ligt ook bij het huwelijk tussen wijn en kaas
de juiste harmonie vaak in een tegenstelling. Want de veel gehoorde
bewering, dat men bij kaassoorten met een sterke en frenetieke smaak
ook wijn met veel smaak moet drinken, gaat lang niet altijd op.
Integendeel, vaak is een tegenstelling in smaak veel beter. Bij
een 'sterke kaas past vaak het beste een jonge, fruitige wijn, en
bij een grote klasse-wijn kan men een kaas eten die vrij neutraal
is, romig, en liefst een ietwat melkachtige smaak heeft. En bij
zeer pittige, of zoute kazen, past vaak het beste een weelderige
zoete wijn, die een mollige achtergrond geeft aan alle pikanterie.
Daarentegen kan een bijna zoete romige kaas heel goed een wijn met
veel tannine, die wringt in de mond, naast zich hebben, en een kruidige
kaas een frisse wijn met veel zuren.
Men moet zich van te voren proberen voor te stellen hoe de beide
elementen wijn en kaas smaken. Daar is wat fantasie voor nodig,
maar zonder fantasie is er weinig goeds te vinden in het leven.
Men kan daarbij uitgaan, òfwel van het vaste element, de
kaas, òfwel van het vloeibare, de wijn. Want dat de combinatie
van wijn en kaas zo goed kan zijn komt door een tegenstelling. Het
geestrijke element, het vluchtige, spirituele, is de wijn, het stevige,
substantiële, is de kaas. De geur van wijn is etherisch, licht,
maar in kaas ruikt men de warme geur van de stal, de geur van melk,
het eerste voedsel van mens en zoogdier. En het neutrale brood moet
die beide verbinden. Het lijkt me het beste om bij het combineren
de eer te geven aan het spirituele element, de wijn, en daarvan
uit te gaan. Maar het allerbelangrijkste is, dat beiden, kaas en
wijn, elkaar moeten flatteren, elkaars goede eigenschappen zo gunstig
mogelijk doen uitkomen. Bij een wijn met veel tannine lijkt de romigheid
van kaas nog zachter, bij een rijke, weelderige kaas lijkt de fruitigheid
van een wijn nog speelser.
Kaas in het menu
In een klassiek Frans menu serveert men na de hoofdschotel en voor
de kaas, een frisse groene salade met mineraalwater om de mond geheel
schoon te maken en te verfrissen.
Daarna komt dan het kaasplateau met een mooie rode wijn, een wijn
die mooier, ouder en interessanter is dan de wijn bij het hoofdgerecht.
Eventueel kan de wijn van het hoofdgerecht bij de kaas worden doorgedronken,
maar nóóit en nóóit mag de wijn bij
de kaas eenvoudiger zijn dan degene die eraan vooraf ging. 'Men
mag nooit met spijt terugdenken aan de vorige wijn, zegt een oude
Franse wijsheid. Pas daarna komt het zoete dessert. In Engeland
gaat het anders: daar serveert men eerst de traditionele zoete pudding,
en daarna de kaas. Dat heeft een reden. In Engeland wordt bij de
kaas niet, zoals in Frankrijk, een rode wijn geschonken. Die zou
immers reddeloos verloren zijn na een zoet dessert. Elke rode wijn,
ook de allerbeste, lijkt zuur na een zoete smaak. In Engeland schenkt
men bij de kaas een port, liefst vintage port, anders een ruby of
tawny, en aangezien port zoet is, kan die wel geproefd worden na
een zoete pudding. Al vinden Fransen ook dat niet geheel in de haak,
zij zouden ook liever kaas en eventueel port vòòr
het dessert savoureren. Maar goed, traditie is ook iets.
Schenkt men, in een mooi en goed uitgekiend menu, inderdaad bij
een kaasschotel een bijzondere rode wijn, dan zal men daarbij rekening
moeten houden met de keuze van de kaas. Bij een mooi uitgerijpte
rode Bordeaux serveert men liever geen al te sterk geurende kaas,
omdat die het zachte gedistingeerde bouquet van de wijn zou doodslaan.
Vooral met wijnen uit de gemeenten Margaux en Saint Julien en een
rode Graves moet men wat consideratie hebben. Heel geschikt in dit
geval is een werkelijk goede Hollandse kaas - niet voor niets is
er in Bordeaux altijd Hollandse kaas ingevoerd - van het type Goudse,
zonder vreemde verzinsels, of een jonge Edammer. Als Franse, bijvoorbeeld
een jonge Camembert, of Brie, die wel romig moeten zijn, maar vooral
niet mogen 'lopen'. Erg goed harmonieert met Bordeaux een Cantal,
een harde kaas uit Auvergne met een subtiele, heel fijne smaak,
een Saint Nectaire, ook uit Auvergne, iets nadrukkelijker, of een
Franse Gruyère en dan niet die z. g. Hollandse, of nog erger,
'boeren'-Gruyère met grote gaten. Die heeft niets met echte
Gruyère (met kleine gaatjes!) te maken.

Het Franse kaasassortiment kent een onuitputtelijke variatie.
Wil men bij een Bordeauxwijn een wat 'sterkere' kaas, zoals Livarot,
Reblochon, Kernhemmer, kies dan een wat jongere en wat 'boersere'
Bordeaux, Fronsac bijvoorbeeld of een wijn uit de omgeving zoals
Bergerac, Buzet. Of een wijn die zich niet gauw laat overstemmen,
zoals een jonge rode Graves of een Saint Estèphe, en houd
daarmee rekening in het menu.
Bourgogne met zijn minder gesloten en wat uitbundiger karakter,
en met een bouquet dat wat ongecompliceerder op ons afkomt dan het
altijd wat terughoudende bouquet van een Bordeaux, laat zich wat
makkelijker combineren. Men ziet dan ook vaak, bij belangrijke gastronomische
diners in Frankrijk, dat er bij het hoofdgerecht een mooie Bordeaux
wordt geschonken en bij de kaas een Bourgogne, ook al is die dan
een jaartje jonger. Bourgogne rijpt doorgaans wat sneller dan Bordeaux.
Men moet echter wel zeker van zijn zaak zijn met Bourgogne - er
zijn de laatste jaren vele Bourgognes-nieuwe-stijl, licht van kleur,
licht van smaak, weinig body, die bij vele kaassoorten wegvallen,
en die, zo is mijn ervaring, vaak het beste tot hun recht komen
bij iets zurige kaassoorten, zoals geitekaas. Men zou dan misschien
beter een van de stevige crus uit Beaujolais kunnen kiezen. Zoals
een Moulin à Vent of een Juliénas, enkele jaren oud,
die het met vrijwel elke kaas goed kunnen vinden, en die, als er
in het menu bij de hoofdschotel een vrij jonge, lichte Bordeaux
wordt geschonken, of misschien zo'n lichte nieuwe-stijl-Bourgogne,
een uitstekende opvolging vormen.
En wanneer men een interessant diner werkelijk met een zwaar kaliber
wijn willen besluiten, kies dan een interessante Rhône-wijn,
zoals een Gigondas, een Hermitage of Côte Rôtie. En
geef die géén pikante kaas, daarvoor is die wijn veel
te kruidig. Er ontstaat dan een strijd wie de overhand krijgt. Maar
kies een zeer weelderige, romige kaas, de beste Brie, de beste Goudse
boerekaas, de rijkste Gorgonzola, die u kunt bemachtigen.
Zoet
En wilt u origineel zijn, serveer dan een 'blauwe' kaas, zoals Roquefort,
Bleu d'Auvergne, Bleu de Bresse (geen Danish Blue, die is veel te
scherp), eventueel met een oude Edammer ernaast, met een zoete wijn.
Het lijkt vreemd, maar het is verrukkelijk, en er is dan in elk
geval geen probleem van opvolging. Een zoete wijn past na elke rode,
groot of eenvoudig.
Die zoete wijn zou een Sauternes kunnen zijn - Sauternes met Roquefort
vormt een grootse combinatie. Maar een goede Sauternes is duur,
moet ook duur zijn, omdat de opbrengst klein is en veel risico's
heeft. Goedkope Sauternes kunt u beter vermijden. Er is wèl
een uitstekend alternatief voor Sauternes, en dat is de wijn die
daar vlak bij groeit, maar aan de andere kant van de Garonne: Sainte
Croix du Mont.

Hoe dames een Stilton-kaas die zojuist de vorm heeft verlaten egaliseren.
Niet de overrompelende weelderige zoetheid van een Sauternes, maar
toch een uitstekende wijn, zuiver en eerlijk, lieflijk honingachtig
zoet, met toch ook de fijne smaak, die ontstaat doordat de druiven
door edele rotting zijn aangetast. Een nog weinig bekende wijn,
maar de moeite waard. Of u zou de combinatie eens kunnen proberen
van een Italiaanse Vin Santo, ook een prachtige, goudkleurige zoete
wijn, ontstaan uit zeer zoete most door uiterst langzame gisting,
met een Italiaanse blauwe kaas, de Gorgonzola.
En vergeet niet, als u de mooie combinatie van blauwe kaas met zoete
wijn wilt maken, ook wat noten op tafel te zetten, en eventueel
een sappige peer die hier prachtig mee harmonieert. Niet voor niets
zegt een oud Frans liedje: Tussen kaas en peer ligt het geluk.
Port
Dan nog iets over port met kaas. Port vormt een bijzondere combinatie
met kaas, maar ook alweer: lang niet met alle kaas. Geliefde Franse
kazen, zoals de witschimmelkazen Camembert en Brie of de roodbacteriekazen
als Pont l'Eveque, Reblochon of Munster en de Nederlandse Kernhemmer
gaan niet samen met port. Port vormt daarentegen een verrukkelijke
combinatie met alle harde kaassoorten. Allereerst met Hollandse
kaas, Goudse of (oude) Edammer. De rijke, zoete smaak van Port vormt
een prachtige tegenstelling met de harde droogheid van Edammer,
en een zoet vervolg op de romige weelderigheid van een belegen,
of de verrassende zoetheid van een oude Goudse. De Engelse portshippers
in Oporto weten er alles van en bij hun befaamde lunches in het
Factory House zal men dan ook zelden een goede Edammer missen.
Ook oude schapekaas, zoals men die in Portugal vindt, past er uitstekend
bij (probeer eens een Texelse schapekaas!) en dan natuurlijk alle
Engelse kazen, nog veel te weinig bekend. Een Farmhouse Cheddar
bijvoorbeeld uit Somerset, zacht pikant, of een zilte Cheshire,
of de oranje Gloucester. En, het allerbeste, een rijpe, blauwdooraderde
Stilton.

In de Dourovallei brengt een boertje een vaatje lunchwijn naar de
oogsters in de wijngaard.
Kaas en Wijn
HOME | De
Cocktailbar | Wijn is fijn | Tafeltje-dek-je
| Smakelijke links | Contact
|